2 Nephi 2-3: voor immer vrij om in vrede te leven of in oorlog te sterven
Lucifer: Ik wil dat u eet van de vrucht van de boom der kennis van goed en kwaad opdat uw ogen mogen worden geopend, want dat is de manier waarop Vader zijn kennis opdeed. U moet van deze vrucht eten om te kunnen begrijpen dat alles zijn tegenstelling heeft: goed en kwaad, deugd en ondeugd, licht en duisternis, [vrede en oorlog], gezondheid en ziekte, genot en pijn. Op die manier worden uw ogen geopend, en zult u kennis bezitten.
Eva: Is er geen andere manier?
Lucifer: Er is geen andere manier.
In dit tweede gedeelte van hoofdstuk zes dat we bestuderen, leren we over het Plan van Zaligheid en over het plan van de tegenstander omdat vader Lehi van mening is “dat er een tegenstelling in alle dingen moet zijn”. Deze hoofdstukken zijn waarschijnlijk essentieel voor een mormoonse filosofie over leven en dood, en over goed en kwaad. Lehi verwijst naar de vrucht van de Boom der Kennis en naar de vrucht van de Boom des Levens. Lehi legt uit dat we werden geschapen met een vrije wil, niet om naar willekeur te worden behandeld. We werden voor altijd vrijgemaakt, volgens hem, om tussen goed en kwaad te kiezen en als het ware scheppers van onze eigen toekomst te worden.
.
… en zij proeven het bittere, opdat zij het goede zullen weten te waarderen
En de Heer sprak tot Adam, zeggende: Aangezien uw kinderen in zonde worden ontvangen, zo ook ontstaat er, wanneer zij beginnen op te groeien, zonde in hun hart, en zij proeven het bittere, opdat zij het goede zullen weten te waarderen. En het is hun gegeven goed van kwaad te onderscheiden; daarom kunnen zij naar eigen believen handelen …”.(Mozes 6:55-56)
Ik denk terug aan een verjaardagsfeestje dat ik als 8 of 9-jarig kind bijwoonde. Ik kan me de details niet meer precies voor de geest halen, maar wel de omstandigheden en mijn gevoelens daarover. Op het feestje stonden de kinderen in een kring. We deden een spelletje. De jarige zei iets tegen me of over me dat ik als vernederend beschouwde. Ik weet niet meet wat hij zei, maar ik herinner me m’n reactie erop. Ik staarde hem aan en dacht woedend bij mezelf: “hoe kan ik het hem betaald zetten?’ Ik liep langs de kinderen op hem af en sloeg hem in z’n gezicht! Toen rende ik weg, beschaamd over wat ik had gedaan en bang voor de gevolgen. De jarige begon te huilen: verbaasd en bezeerd!
Ik rende zo hard als ik maar kon door de appelboomgaard, symbolisch tussen de bomen der kennis van goed en kwaad door, en smaakte de bitterheid van het kwaad. Die dag nam ik me voor nooit meer iemand te slaan. Ik weet niet of ik me daaraan hield, maar ik herinner me dat ik voelde en wist dat mijn daad meer kwaad dan goed had gedaan. In een fractie van een seconde had ik mijn eer gered, maar op het moment dat mijn hand zijn wang raakte was het kwaad geschied en alle voordelen ervan leken in het niets op te lossen. De moeder van de jarige zag me de boomgaard inrennen en riep: “kom terug, kom terug” en riep me herhaaldelijk bij naam. Ik schaamde me voor mezelf en voor haar: dat de jarige de aanleiding was, en dat ik hem pijn gedaan had. Welke was de grootste zonde? Het was in mijn ogen niet zozeer de zonde waar het om ging, maar om de les die ik er uit leerde. Niet erg christelijk van me om de jarige job te slaan.
We waren al heel snel weer vriendjes, en hij plaagde me waarschijnlijk nooit meer – maar de les was van eeuwige aard. Rond die tijd nam m’n moeder me mee naar de film: “Gandhi”. Misschien zag ze een kans om mij een machtig beginsel bij te brengen; het zaad der geweldloosheid was in me geplant. Is het verhaal van onze eerste ouders in de Hof van Eden een metafoor voor onze relatie tot God? Verborgen zij zich uit schaamte omdat zij de gevolgen begrepen, niet zozeer van hun ongehoorzaamheid, maar omdat ze iets hadden gedaan dat hen een bijzondere les leerde over goed en kwaad? Je zou kunnen zeggen dat kennis van goed en kwaad overeenkomt met kennis van vrede en oorlog, en dat de mens zich vanaf het begin realiseerde dat er inderdaad verschil is tussen de één (oorlog) en werken aan de ander (vrede).
.
… en de weg is bereid sedert de val van de mens, en de redding is vrij
En de mensen worden voldoende onderricht om goed van kwaad te onderscheiden. En de wet is de mensen gegeven. En door de wet wordt geen vlees gerechtvaardigd; ofwel, door de wet worden de mensen afgesneden. Ja, door de stoffelijke wet zijn zij afgesneden. (2 Nephi 2:5)
Het Boek van Mormon onderwijst dat iedere man en vrouw is begiftigd met de Geest van Christus om tussen goed en kwaad te kunnen oordelen: “Want zie, de Geest van Christus wordt aan ieder mens gegeven, opdat hij goed van kwaad zal kunnen onderscheiden; welnu, ik toon u de wijze van oordelen; want alles wat uitnodigt om goed te doen en overreedt om in Christus te geloven, wordt door de macht en gave van Christus uitgezonden; daarom kunt gij met volmaakte kennis weten dat het van God is. Maar alles wat de mens overreedt om kwaad te doen en niet in Christus te geloven en Hem te verloochenen en God niet te dienen, daarvan kunt gij met volmaakte kennis weten dat het van de duivel is; want op die wijze gaat de duivel te werk, want hij overreedt geen enkel mens om goed te doen, neen, niet één; en zijn engelen evenmin; en evenmin zij die zich aan hem onderwerpen. (Moroni 7: 16-17)
Lucifer, de vader aller leugen, wordt binnen het Mormonisme gezien als de tegenstelling (tegenstander) van vrede. Dit komt overeen met Galtung’s definitie van geweld. Volgens hem is de beste manier om vrede te begrijpen, het tegenovergestelde te definieren: geweld. Dus de beste manier voor ons om het Plan van Zaligheid te begrijpen, is het plan van de tegenstander te begrijpen. Aldus vader Lehi: “want er moest wel een tegenstelling in alle dingen zijn. Indien die er niet was, mijn eerstgeborene in de wildernis, dan kon er geen rechtvaardigheid worden teweeggebracht, noch goddeloosheid, heiligheid noch ellende, goed noch kwaad. Daarom moesten alle dingen wel een samengesteld geheel zijn”.
Er moest een tegenstelling zijn, namelijk de verboden vrucht in tegenstelling tot de boom des levens, de één zoet en de ander bitter. Daarom stond de Here God de mens toe zelfstandig te handelen. Welnu, de mens kon niet zelfstandig handelen, tenzij hij door het een of het ander werd verlokt. (2 Nephi 2:15-16)
We beginnen met de ABC-driehoek van Johan Galtung, ofwel de gewelds-driehoek.
Regelrecht geweld, hetzij physiek of verbaal, kan als gedrag worden waargenomen. Maar het menselijk handelen komt niet voort vanuit het niets; er zijn oorzaken. We onderscheiden twee oorzaken: een cultuur van geweld (heldhaftig, vaderlandslievend, groepsdenkend, enz.), en een structuur die wezenlijk gewelddadig van aard is door repressief en/of exploitatief te zijn. We verwerpen het wijdverbreide misverstand dat “geweld” uit de menselijke natuur voortkomt. Het potentieel voor geweld, en voor liefde, komt voort uit de menselijke natuur, maar de omstandigheden liggen aan de basis van de verwezelijking ervan.
De gradaties van geweld kunnen moeiteloos worden verklaard in het licht van cultuur en structuur: cultureel en structureel geweld veroorzaken direct geweld, de betrokkenen zetten zich met geweld af tegen structuren, en gebruiken de cultuur om het gebruik van geweld als middel te legitimeren. Als we de geweldsdriehoek zien in het licht van de manier waarop we met elkaar omgaan (Heb uw naaste lief) – gedrag, houding en omstandigheden in relatie tot “de ander”, dan zou de ABC-driehoek er als volgt uitzien:
Gordon B. Hinckley geeft een aannemelijke verklaring voor het plan van de tegenstander: “Die oorlog [in de hemel], hevig en intens, woedt nog steeds. Het is een oorlog tussen waarheid en leugen, tussen vrije wil en dwang, tussen de volgelingen van Christus en degenen die hem verloochenden. Zijn vijanden hebben in dat conflict allerlei mogelijke strategien uitgeprobeerd. Ze probeerden leugen en bedrog [cultureel geweld], geld en welvaart, en misleidden mensen [structureel geweld]. Ze moordden en vernietigden [direct geweld] en hielden zich met allerlei kwaad in om het werk van Christus te dwarsbomen”.
Heel interessant uit bovenstaande analyse is het verband tussen het doel en de middelen van Satan in zijn strijd tegen het verlossingsplan. Het is een vernietigende arbeid waarin onze onderlinge menselijke vernietigende houding-gedrag-omstandigheden weerspiegeld worden.
Het resultaat ontaardt in aanzienlijke en onfortuinlijke gevolgen voor dat verlossingsplan, omdat we (1) van elkaar vervreemden, (2) we de aardse proeftijd verkortenen zelfs riskeren, (3) we aardse en geestelijke ellende veroorzaken d.m.v. ongelijke verdeling van goederen en mogelijkheden.
.
zij zijn verlost van de val
En doordat zij verlost zijn van de val, zijn zij voor eeuwig vrij geworden, het onderscheid kennende tussen goed en kwaad; om zelfstandig te handelen en niet om met zich te laten handelen. (2 Nephi 2:26)
James E. Faust zei in zijn conferentietoespraak getiteld “Zelfstandig handelen, niet met zich laten handelen”: “Het gevaar dat jullie jongemannen lopen is niet zo zeer fysiek, maar meer het gevaar om persoonlijk misleid en bedrogen te worden. Het gevaar is subtieler en ingewikkelder en vereist meer kracht en moed dan t.o.v. fysiek gevaar. We kunnen er voor kiezen om krachten van buitenaf ons naar een bestemming te laten drijven die we niet kiezen, of we kunnen besluiten onze eigen koers te varen, zelfgedefinieerde doelen na te streven, en zelfgekozen projecten tot een goed einde te brengen, ongeacht de invloeden van buitenaf”.
Ik lees hierin dingen die anderen hierin waarschijnlijk niet zullen lezen, maar ik hoor (wijlen) pres. Faust zeggen: “Waarom zou je krachten van buitenaf laten beslissen of je in militaire dienst moet gaan of niet, of je de zogenaamde vijand moet doden? Is Afghanistan niet jouw keuze? Blijf je eigen koers varen – doe mee met de vreedzame volgelingen van Christus die hun eigen koers bepalen, eigen projecten tot een goed einde brengen, ongeacht alle oorlogen en vernietiging om je heen. Jouw roeping is veel nobeler, en op een veel hoger niveau dan verwoesting te veroorzaken en zich door anderen te laten sturen”.
Jon Mott legt uit op zijn website “The End in Mind” in een daarin verschenen artikel “To Act or te be Acted Upon”:
Ik druk op een knopje en de TV gaat aan en uit; voor de TV een ingebouwd automatisme. Als we het toestaan kunnen we anderen onze knopjes laten indrukken: woorden, afbeeldingen, voorwaarden en omstandigheden die een bepaalde reactie oproepen. Welke knopjes beheersen uw zwakheid of verslaving? Het worden afgesneden in het verkeer? Gewoon een rotdag? Ooit gezegd: als ik hem zie maak ik me kwaad? Dergelijke zaken typeren een levensbeschouwing waarin onze omgeving onze reactie bepaalt. Ons vermogen om onze analyse tussen oorzaak en reactie te plaatsen bepaalt onze reactie. Er worden geen knopjes ingedrukt zonder dat we dat willen, tenzij we ons laten sturen.
Wat te zeggen van conflictbeheersing om het automatisme te doorbreken van een bepaald [gewelddadig] gedrag en onze reactie daarop? Eigenlijk vrij eenvoudig door te onderkennen dat er knopjes worden ingedrukt, maar door er niet op in te gaan. Ik weet zeker dat we net zoveel vreugde in het leven kunnen ervaren als we maar willen. Wat vreugde schept is ons vermogen om ons gedrag niet door onze omgeving te laten bepalen, maar zélf te bepalen of en hoe we willen reageren.
Adam viel, opdat de mensen zouden zijn; en de mensen zijn, opdat zij vreugde zullen hebben. (2 Nephi 2:25)

